
Het succesverhaal van Wiko
Twentse nuchterheid op landelijke daken
Het succes van een onderneming zie je soms aan een té knusse kantine. Bij Wiko Dakkapellen puilde de lunchkamer in Boekelo op het laatst zo uit dat de verhuizing naar de Josink Es in Enschede onvermijdelijk werd. De gezellige sfeer van destijds is gebleven, maar wordt nu gecombineerd met een indrukwekkende slagkracht. Aan het roer staat Frans Koetse. Wat ooit begon met vogelhuisjes op de stoep, is uitgegroeid tot een landelijke operatie die inmiddels 15.000 dakkapellen op haar naam heeft staan. Een gesprek over organische groei, Twents vakmanschap en de onvermijdelijke toekomst van prefab bouwen.
Van vogelhuisjes naar een landelijke speler
Het ondernemerschap zat er bij Frans al vroeg in. Als tiener stond hij aan de straatkant vogelhuisjes en zelfgemaakte aquariums te verkopen. Toch ontdekte hij al snel een belangrijke ondernemersles: "Ik vond de moeite die ik ervoor moest doen eigenlijk te weinig opleveren," lacht hij. Na een mbo-opleiding Bouwkunde zette hij zijn liefde voor timmeren voort en na een periode waarin hij samen met zijn broer kozijnen plaatste, besloot hij in 2004 aan zijn eigen weg te timmeren.
"Ik wou gewoon iets voor mezelf doen", blikt Frans terug. "Niet in loondienst, maar ook niet als zzp'er alleen maar uren maken. Ik wou een product maken." Het werd de dakkapel, mede op aanraden van zijn vrouw. En dat blijkt een schot in de roos. De groei verliep bewust geleidelijk. Van twaalf naar vijfentwintig, naar veertig stuks. "De eerste vijf jaar hadden we relatief gezien de meeste reclamaties. Maar omdat je je product continu verbetert, wordt dat percentage steeds minder. Elk jaar worden de details weer iets beter. Dat is echt heel leuk aan wat wij doen." In 2019 zette Wiko een enorme stap door een vestiging in het westen van het land te openen. In 2022 nog een grote stap, namelijk een eigen bedrijfshal bouwen in Enschede.
“Wat je zegt, moet je doen!”
Met inmiddels een team van 60 mensen om zich heen, waaronder twee van zijn eigen zonen, blijft de Twentse bedrijfscultuur een belangrijke pijler onder Wiko. Frans is een ondernemer die bovenal betrokken is bij zijn mensen. Hij kent de materie van schroef tot dakpan en staat met zijn voeten in de klei.
"Als je onze Twentse nuchterheid vertaalt naar ons werk, komt het eigenlijk hierop neer: wat je zegt, moet je doen", legt Frans uit. "Je moet je aan je woord houden van het allereerste begin tot het eind. Fouten worden er altijd gemaakt, maar als je netjes en correct blijft, groeit je bedrijf rustig door."
Die nuchterheid zie je terug in zijn rol als werkgever. Frans is geen man van grote woorden, maar de waardering voor zijn team is diepgeworteld. "Ik ben enorm trots op het team. Ik heb waardering voor ze en linksom of rechtsom laat ik dat wel merken." Het resultaat van die betrokkenheid is een loyale club mensen. "Heel veel collega's werken hier ook echt al heel lang, sommigen wel meer dan vijftien jaar."
Een 'life skill' voor de jeugd
De bouwsector schreeuwt in 2026 nog steeds om vakmensen. Wiko pakt dit pragmatisch aan door in te zetten op eigen aanwas via het traject als Erkend Leerbedrijf. Het bedrijf biedt studenten bouwkunde een plek aan met een enorme leercurve. Ook leerlingen van het voortgezet onderwijs kunnen hier aan de slag voor een bijbaan. Dat is nog eens wat anders dan vakkenvullen.
Frans geniet zichtbaar van dit proces: "Ze komen hier en kunnen nog niks bouwen. Het is prachtig om te zien hoe zo'n jongen van zestien jaar, na twee jaar bij ons werken, volledig zelfstandig een dakkapel in elkaar kan zetten. Ze lopen dan vol zelfvertrouwen rond en voelen zich een enorme vakman." Hoewel niet iedereen in de bouw blijft hangen, ziet Frans ook dat jongeren een belangrijke life skill leren. "Ik zeg altijd tegen die jongens: werk hier gewoon een paar jaar. Als je daarna iets heel anders wilt gaan doen, is dat prima. Maar als je de basis van het timmeren goed in de vingers hebt, heb je daar je hele leven profijt van. Je leert hier bovendien hoe een bedrijf functioneert."
Binnen een dag een duurzame dakkapel op je huis
Als het gaat om de techniek, zet Wiko volledig in op de prefab-revolutie. "In de fabriek heb je ideale omstandigheden," stelt Frans. "Je kunt het product perfect in elkaar zetten en daarna zetten we het met een kraan in één keer op het dak. Bam, klaar."
Deze werkwijze is enorm duurzaam. Er is nagenoeg geen restafval, omdat overgebleven isolatiemateriaal direct doorstroomt naar de volgende dakkapel. Wat betreft de isolatiematerialen zelf kiest Wiko bewust voor bewezen, betrouwbare oplossingen zoals Knauf Naturoll: "Er gebeurt veel in de bouw, maar ik wil er zeker van zijn dat het op de lange termijn goed blijft. Als een product vijftig jaar meegaat, vind ik dat pas duurzaam."
Die focus op de lange termijn en kwaliteit uit zich ook in het design. Wiko maakt dakkapellen die naadloos aansluiten op de bestaande architectuur. Schroeven komen er aan de gladde, verlijmde buitenkant niet meer aan te pas. "We kopiëren de kleurstelling en de details van de woning," legt Frans uit. "Als een huis in de jaren '30 stijl een specifieke boeidelen of goot heeft, dan kopiëren we dat exact naar de dakkapel." Dat Frans vier van zijn eigen dakkapellen op zijn zelf verbouwde boerderij in Boekelo heeft staan, is geen verrassing.
Kleine toekomstblik: Kwaliteit boven kwantiteit
Waar veel ondernemers op bedrijventerreinen dromen van snelle groei en marktverovering, blijft Frans Koetse resoluut met beide benen op de Twentse grond staan.
"We willen wel gewoon doorgroeien, maar heel stabiel. We zetten absoluut niet in op heel groot worden", benadrukt hij. "We willen over twintig jaar nog steeds onze service en garantie bieden. Uiteindelijk draait het hierom: als je gewoon met z'n allen lekker je werk kunt doen en een goed product aflevert, dan is dat heel veel waard." En precies die nuchtere visie maakt van Wiko Dakkapellen een unieke speler in zijn vakgebied.




